De Molen van Kloetinge.
De molen is te bezichtigen op afspraak of bij aanwezigheid van een molenaar.
Molenaars: Jan Willem Bruel en Rens Deurloo.
Heeft u leuke (digitale) foto's van de molen dan vinden wij het leuk deze te ontvangen.  U kunt deze mailen naar webmaster@kloetingsemolen.nl

Start
Omhoog
Molenvrienden
De korte spruit en enkele andere zaken aan de molen worden gemaakt. Klik hier!
De ooievaar bezoekt de Kloetingsemolen. Kijk snel hier!

KLOETINGSEMOLEN
Algemeen:

De molen is naast de klomp en de tulp het meest bekende beeldmerk van Nederland.

Dit gaat zeker op voor de molen van Kloetinge. De Kloetingsemolen staat aan het begin van het dorp en is samen met de kerk beeldbepalend voor de omgeving.

Ieder dorp had een of meerdere molens; zo waren er vroeger in Kloetinge vier molens.

Op deze plaats stond in de 15e eeuw reeds een molen doch de huidige molen is in 1704 gebouwd. De molen staat enigszins verhoogd op een "meulenberg" en is een stellingmolen. Het verhoogd zetten van een molen en voorzien van een stelling (balie) werd voornamelijk gedaan om optimaal gebruik te maken van de wind.

Door boven de daken van de huizen en bossage uit te komen was er geen "valse" wind voor de molen.

De molen werd gebouwd als opvolger van zijn voorganger, een standerdmolen, die bij de beruchte orkaan van 8 december 1703 omwaaide. De Ambachtsheer, eigenaar van de molen, zat niet bij de pakken neer en liet meteen in 1704 de huidige molen bouwen. Hij is bijzonder sterk uitgevoerd en technisch een goed ontworpen molen. Ook het metselwerk van de muur is grote klasse.

Die orkaan is bekend als de zwaarste van die hele 18e eeuw (J. Buisman). In Zuid Engeland was zeer veel schade. In de Zaanstreek verongelukten verscheidene molens en ook de standerdmolen buiten Sommelsdijk (Overflakkee) raakte zeer zwaar beschadigd; diens opvolger, gebouwd in 1705 lijkt uiterlijk veel op die van Kloetinge.

Op 2 februari 1811 verkocht de Ambachtsheer, Hubert Marinus van der Bilt van Kloetinge, de molen aan ‘Sieur’ Pieter Remijn, molenaar wonende te Goes voor 12.698,41 Francs, overeenkomend met 6.000 Gulden ‘Hollandsch geld’, te betalen in ‘klinkend grof geld’, ten overstaan van notaris Franciscus Henricus Wagenaar. Die was ‘Keizerlijk Notaris’ (de keizer was Napoleon) van het tweede Arrondissement van het Departement ‘Bouches de l’Escaut’. Eraan verbonden wordt de verplichting tot het om niet leveren van 80 liter, zijnde een zak, tarwemeel aan de Gildebroeders van den confrérie van St. Sebastiaan te Kloetinge ‘telkens bij het houden van derzelver blijde maaltijd’. De koopakte is in het Frans en Nederlands gesteld. Nederland was toen ingelijfd bij Frankrijk en Zeeland was het Departement ‘Bouches de l’Escaut’ (Scheldemond). Een kopie van de koopakte bevindt zich in het archief van de Stichting.

Daarna wordt de molen op 19 oktober 1826 verkocht door Pieter Remijn, aan Arend Herdink, chirurgijn wonende te Wolphaartsdijk. De koopsom is ‘9.000 Guldens Nederlandsch, mitsgaders 150 guldens voor de daarbij behorende losse goederen’. De koop gaat in op 1 januari 1827 vóór welke datum de koopsom moest worden voldaan. Het origineel van de onderlinge koopakte wordt bewaard in het archief van de Stichting.

Bijzonderheden van de molen:

De molen heeft geen naam en wordt in de wandeling de "Kloetingsemolen" genoemd. Ook heette hij voorheen wel de ‘molen van Herdink’, naar eerder genoemd molenaarsgeslacht. De molen is altijd in gebruik geweest als graanmolen. Er werd in het verleden graan voor veevoeder en voor menselijke consumptie vermalen. Tegenwoordig wordt er alleen meel voor bakker Boer uit Kloetinge gemalen en dat gebeurt al sinds 1973. Bij gelegenheid kan ook haver worden geplet voor de paarden.

Ook kunnen bezoekers aan de molen een zakje meel kopen.

Als je de molen goed bekijkt is het een zware ronde, witgeschilderde, stenen bovenkruier met zwart gemaakte voet. De molen heeft onderaan een diameter van 7.75 meter en er zijn vier zolders in.

De stelling is bijna 4 meter boven de begane grond. De stellingpalen zijn deels van staal waarvan de drie voorste in gietijzer en deze palen zijn afgewerkt met Corinthische kapiteeltjes.

Het wiekenkruis is van staal en heeft een vlucht van ruim 21.50 meter. De roeden (twee wieken vormen een roede; een molenaar praat niet over wieken maar over roeden) werden in 1978 gemaakt door de smid Dercks te Beegden, die daarin is gespecialiseerd (nummers 302 en 303). Om roesten van binnenuit tegen te gaan werden ze tegelijk volgespoten met polyurethaanschuim; alleen de gaten voor de heklatten bleven open. Bij de restauratie van 1998 werden de roeden ook gedemonteerd en van nieuw houten ‘tuig’ voorzien; daarbij zijn ze grondig gecontroleerd en er is geen spoor van roest van binnenuit gevonden. Er zijn gevallen dat nieuwe roeden al na 20 jaar ernstig tot onherstelbaar van binnenuit zijn geroest

Eigenaren de afgelopen eeuwen:

Uit de gegevens van het kadaster (sinds de oprichting van het kadaster) blijkt dat de molen eigendom is van de heer A. Herdink. De molen is tot 1971, toen de laatste molenaar J. Herdink overleed, in bezit gebleven van de familie Herdink.

18 december 1972 heeft de heer Peter Mans de molen gekocht. De laatste mannelijke Herdink, broer van de laatste molenaar, is, op zijn verzoek, gedaan aan de heer Mans, in de negentiger jaren vanuit de molen begraven na er een etmaal in opgebaard te hebben gestaan. De molen heeft toen zes weken in de rouw gestaan uit respect voor deze laatste mannelijke telg uit het geslacht Herdink die nog zo verknocht was met de molen.

De heer Mans had hem, toen rustend arts in Bloemendaal, al gauw na de aankoop van de molen leren kennen. Van hem werden de bovengenoemde kopie van de koopakte van 1811 en het origineel van de onderlinge koopakte van 1826 verkregen.

Ook vertelde hij over zijn verre voorvader die als kleine jongen in Wolphaartsdijk bezeten was van de molen. Zijn vader, ‘chirurgijn’ aldaar, vond het het beste dat de jongen molenaar zou worden en daarom kocht hij de molen van Kloetinge voor hem.

De molen was bewoond, maar hieraan kwam een eind begin 60-er jaren, toen het tegen de molen aangebouwde woonhuis werd gesloopt. Het op de begane grond nog aanwezige keldertje (thans onder de buil) diende als wijnkelder voor de familie en herinnert nog aan de woonfunctie.

Restauratie in de loop der jaren:

Sedert de oorlog werd er met de Kloetingsemolen niet meer met de wind werd gemalen doch het noodzakelijke onderhoud werd regelmatig uitgevoerd. Bij verkoop aan de heer Mans was alles nog in tact en werkte naar behoren. De gehechtheid aan de molen was sterk. Maar de algehele toestand was slecht, simpelweg door de ouderdom; de molen was ‘op’.

Een grote restauratie was noodzakelijk en deze is 1978 uitgevoerd. Bij deze restauratie zijn alleen de romp en het gaande werk in tact gebleven. Alle balken en vloeren in de molen waren dringend aan vernieuwing toe. Ook de draagbalk is toen vernieuwd. Ook de balie moest volledig worden vernieuwd. Hierbij werden de liggers bevestigd aan hardstenen neuten die in de muur werden gemetseld. Boven aan de romp werden de rolvloer en de kuip geheel vernieuwd en bij Boele Scheepswerven in Bolnes werden betere, zuiver cirkelvormige railzen gemaakt voor het ‘Engelse’ kruiwerk. De kap is ook geheel vernieuwd. Ook werd het versleten koppel, 16-er, blauwe stenen vervangen door een koppel 17-ers en werd de overbrenging daarvoor aangepast door het aanbrengen van een groter steenschijf. Beide stenen werden in de molen van een nieuw scherpsel voorzien. Verder verhuisde de buil van de maalzolder naar de begane grond waardoor de werkruimte op de maalzolder aanzienlijk verbeterde. En zoals eerder is aangegeven kwamen er nieuwe roeden in.

In maart 1978 is de molen feestelijk geopend door de toenmalige Minister van OCW, Mevrouw Gardeniers. Eraan voorafgaand was er een receptie door de Ambachtsvrouwe in haar jachthuis van waaruit de molen goed te zien is. Daarmee werd de oude relatie tussen de Ambachtsheerlijkheid en de molen weer eens bevestigd.

Omdat de heer Mans de molen als particulier in bezit had en dit zeer kostbaar is heeft hij in 1996 voor een stichtingsvorm gekozen.

Hierdoor kwam er een hogere subsidiebijdrage van het rijk beschikbaar.

In 1998 is een tweede restauratie aan de molen, door de "Stichting", uitgevoerd.

Belangrijk onderdeel bij deze restauratie was het metsel- en voegwerk.

In de laatste oorlogswinter is er in de buurt van de molen nog gevochten en ter hoogte van de steenzolder is de muur zwaar beschadigd geweest door een granaatinslag. De mensen die in de molen waren gevlucht is niets overkomen. Kort na de oorlog is dat gat heel vakbekwaam hersteld door een metselaar uit Zeeuws-Vlaanderen die tijdelijk in de buurt geëvacueerd was. Het voegwerk op deze plek was nog geheel in tact en behoefde geen herstel. Complimenten aan deze onbekende metselaar!

Daarbij is er in overleg met de Rijksdienst voor de Monumenten gekozen voor een ander verfsysteem. In plaats van elk jaar de molen een keer te witkalken is er gekozen om een vochtregulerende witte keimlaag aan te brengen.

Aan de binnenkant werd de muur behandeld tegen zwam. Deze zwam is er de oorzaak van dat alle balkkoppen rot waren en moeten worden vervangen. Het herstel van de balkkoppen is reeds bij de eerste restauratie uitgevoerd en aanvankelijk werd de zwam bestreden door het simpelweg te verwijderen en de binnenkant van de muur te kalken. Dat hielp wel wat, maar intussen waren de nieuwe balkkoppen van de maalzolder in 1998 al zodanig aangetast dat deze afgezaagd en met kunsthars, versterkt met glasvezelstaven, aangegoten moesten worden. Gelukkig waren de overige balklagen, in het bijzonder van de steenzolder en de draagbalk hiervoor gespaard gebleven.

Een gespecialiseerd bedrijf heeft in 1998 de binnenkant geïnjecteerd en vanaf dit moment is nu geen zwam meer in de molen.

Ook de vang en het bovenwiel werden in 1998 grondig gerestaureerd.

In verband met zijn leeftijd en door zijn verhuizing naar Frankrijk heeft de heer Mans de Kloetingsemolen aan de gemeente Goes verkocht.

Sinds kort is de molen overgedragen aan een "nieuwe" stichting. Het bestuur van de stichting bestaat nu voornamelijk uit Kloetingenaren.

De molen wordt door een tweetal vrijwillige molenaars draaiend en malend gehouden t.w. Jan Willem Bruel en Rens Deurloo, die allebei vlakbij de molen wonen, wat belangrijk is voor het toezicht, vooral bij (dreigend) stormweer.

Jan Willem kwam al als klein jongen in 1973 of ‘74 met zijn driewielertje uit het dorp naar de molen en heeft gaandeweg het vak geleerd. Hij is letterlijk met de molen opgegroeid. Met name op vrijdag en zaterdag draait of maalt de molen en is iedere geïnteresseerde welkom.

Molenstichting:

Het Doel van de stichting is het in stand houden en herstellen van beschermde monumenten als bedoeld in de Monumentenwet, meer speciaal het verkrijgen en in stand houden en herstellen van molens en daarbij behorende molenhuizen en verdere opstallen en aanhorigheden die geheel of gedeeltelijk zijn aangemerkt als beschermd monument als bedoeld in de Monumentenwet en daaronder begrepen de te Kloetinge gelegen korenmolen.

De Stichting tracht haar doel ondermeer te verwezenlijken door:

  • het verkrijgen en verwerven van de daartoe benodigde geldelijke- en andere middelen;
  • het aanleggen en beheren van geldelijke reserves en/of fondsen;
  • alle andere wettige en geoorloofde middelen die met haar doel verband houden of daartoe bevorderlijk zijn.
  • Het bestuur bestaat uit de heren: M. A. Bierens, voorzitter - J.J.C. van Dijk van 't Velde, vice-voorzitter - A.W. de Landgraaf, penningmeester - C.J. Pieters, secretaris

    Wat moet er de komende jaren nog gebeuren:

    Voor de molen is een meerjarenprogramma gemaakt. Het bestuur heeft uit de noodzakelijke voorziening gekozen om allereerst de buitenkant aan te pakken.

    Het lijkt een cosmetische behandeling maar voordat de molen geschilderd is moest eerst het nodige voeg- en pleisterwerk worden hersteld. De molen ziet er nu stralend uit doch wie goed kijkt ziet dat de korte spruit. (horizontale balk aan de achterkant) nodig vernieuwd moet worden. Daarnaast zal op termijn de lange spruit en diverse schoren moeten worden vernieuwd De val is in slechte staat en ook in de molen moeten de nodige werkzaamheden worden uitgevoerd. Met name het kruiwerk nazien, de as lichten en het gaande werk herstellen. Deze werkzaamheden moeten door een gespecialiseerd molenmakersbedrijf worden uitgevoerd.

    Uit de begroting blijkt dat de totale investering van de werkzaamheden zo hoog zijn dat de subsidie van de overheid onvoldoende is om alle kosten te kunnen vergoeden. Bij elkaar gaat het om een investering van meer dan 130.000 euro. Een groot gedeelte van de financiering,   80.000,=, zal het bestuur via sponsering en donateurs bij elkaar moeten krijgen.

    Voor sponsering zijn er enkele grote landelijke organisaties aangeschreven en zijn er gesprekken met plaatselijke bedrijven geweest. Van landelijke organisatie krijg men pas een toezegging als de werkzaamheden zijn aanbesteed cq in uitvoering. Op plaatselijk niveau zijn de volgende afspraken gemaakt, glazenwasserbedrijf K.Dorleijn en Zn uit Goes heeft een flinke korting gegeven op de schoonmaakkosten (verwijderen van de algen) van de molen. Ook schildersbedrijf Franse uit Kwadendamme die het schilderwerk heeft uitgevoerd heeft een forse donatie gedaan.

    De volgende bedrijven hebben een toezegging gedaan; Paardekoper uit de Oostmolenweg zal het straatwerk rond de molen in orde brengen. Bouwbedrijf J. van de Linde uit Kloetinge stelt bouwmateriaal beschikbaar. Dit bouwmateriaal zal gebruikt worden om nieuwe windborden voor de wieken te maken en het hekwerk/leuning van de stelling te vernieuwen. Met het Pontuscollege, afdeling bouwkunde, zijn we in overleg of leerlingen diverse kleine onderhoudwerkzaamheden kunnen uitvoeren. Dit zou kunnen zijn het hekwerk van de stelling vernieuwen, vogelwering aanbrengen en diverse ramen/deuren in de molen herstellen/vernieuwen. Daarnaast doen onze molenaars, naast het malen, noodzakelijke werkzaamheden aan de molen.

    Al met al is er nog het nodige te doen rond de Kloetingsemolen maar op de maalbak van de blauwe steen staat het volgende gedichtje.

    "Laat de winden waaien

    Laat de molens draaien

    Laat het ebben, laat het vloeien

    En laat ieder zich met zijn eigen zaken bemoeien"

    Laat dit niet spreekwoordelijk voor onze Kloetingsemolen zijn maar met voldoende energie uit het bedrijfsleven en de bevolking zal de molen nog lang de sky line van Kloetinge bepalen.

     

    Het kruirad

    Uw reclame op deze website? Mail het bestuur!
    Donateur worden? klik hier

    Wie wil  zo nu en dan helpen met klusjes aan de Molen?

    Als u dat wilt kunt u contact opnemen met Rens Deurloo 06-50876261 of via e-mail rens@kloetingsemolen.nl

    Nomineer de Kloetingsemolen als uw goede doel, Klik hier

    De Stichting tot behoud van de Molen te Kloetinge is aangemerkt als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). Vanaf 1-1-2008 zijn giften gedaan aan goeddoelinstellingen aftrekbaar van het belastbaar inkomen.
    Al donateur van de Kloetingsemolen?

     Overname van gegevens alleen met schriftelijke toestemming van het bestuur van de Stichting tot behoud van de Molen van Kloetinge.